Land- en tuinbouwsector is werkgever in opmars
De land- en tuinbouwsector stelt in 2024 ruim 12.000 vaste werknemers en 57.000 seizoenarbeiders tewerk. De aantallen nemen gestaag toe en daarmee vormt de sector een belangrijke werkgever. 55% van de land- en tuinbouwbedrijven doet beroep op een externe werkkracht en 15% van de bedrijven wil het komende jaar aanwervingen doen, blijkt uit een bevraging die Boerenbond voerde bij 450 landbouwers. Tegelijk ervaren de landbouwers de hoge loonkost voor vaste werknemers, de bijkomende administratie en de arbeidskrapte als grootste drempels. De landbouworganisatie doet drie voorstellen om nieuwe krachten naar de sector te begeleiden.
Hoewel het aantal land- en tuinbouwbedrijven jaar na jaar daalt, gaat de tewerkstelling in de sector in stijgende lijn. In Vlaanderen is de vaste tewerkstelling op twintig jaar tijd met 35% toegenomen. Van 9650 vaste werknemers in 2004 naar 12.998 in 2024. Ook het aantal seizoenarbeiders is gestegen van 41.118 naar 57.361 in 2024, goed voor een stijging van bijna 40%.
“Land- en tuinbouw is traditioneel een toegankelijke sector. Vaste en flexibele tewerkstelling gaan bij ons hand in hand”, zegt Lode Ceyssens, voorzitter van Boerenbond. “Om een land- en tuinbouwbedrijf tijdens de piekperiode draaiende te houden zijn seizoenarbeiders broodnodig. Daardoor kan een bedrijf rendabel groeien, waardoor er ook meer vaste werknemers nodig zijn doorheen het hele jaar.” Vooral in de groententeelt en het hard fruit is seizoenarbeid bijzonder belangrijk, al vindt het flexibel systeem ook in de andere sectoren toegang.
Alleen, met familie of met externe krachten
Bedrijven worden dan wel groter, ze blijven familiaal. Uit een steekproef van Boerenbond blijkt dat in de helft van de land- en tuinbouwbedrijven er minstens hulp is van familieleden. Meestal gaat het dan om de meewerkende partner, maar ook kinderen en/of ouders springen vaak mee in. Een derde van de land- en tuinbouwers laat het bedrijf alleen draaien.
Er is ook duidelijk aanwervingszin. 15% wil de volgende 12 maanden mensen aanwerven, 81% verwacht stabiel te blijven en een kleine groep ziet het aantal werknemers eerder dalen. De grootste drempels om medewerkers aan te werven zijn de hoge loonkost voor vaste werknemers, de bijkomende administratie en het niet vinden van geschikte kandidaten.
Nieuwe groepen aantrekken in de sector
“Er zijn een aantal ‘quick wins’ om meer mensen naar de land- en tuinbouwsector toe te leiden. De profielen die we vragen zijn vaak laagdrempelig. Er moet meer ingezet worden in het bereiken en overtuigen van mensen die iets verder van de arbeidsmarkt staan,” klinkt het.
Iemand met een leefloon kan maximum 250 euro per maand bijverdienen. Wie in de piekmaanden wil helpen in de land- en tuinbouw, zit daar al snel boven. “Daarom vraagt Boerenbond om deze limiet halfjaarlijks te maken, zo dat men tot 1500 euro kan bijverdienen tijdens de piekweken zoals bij de fruitpluk.”
Cijfers tonen aan dat er vooral in de stedelijke regio’s veel jonge werklozen zijn. Om hen snel te activeren stelt Boerenbond voor om ze te laten meedraaien in het seizoensysteem in de land- en tuinbouw terwijl ze een deel van hun uitkering kunnen behouden. “De overheid blijft dus via de RVA een deel van het loon betalen, het andere deel komt van de werkgever. Dat is een activerende win-win maatregel: de kost voor de overheid daalt en de werkgever geniet van een lagere loonkost,” legt Ceyssens uit. Na verloop van tijd kan dit uitmonden in een vaste of flexibele overeenkomst.
Een derde oplossing die Boerenbond naar voren schuift is om sommige kandidaat politieke vluchtelingen sneller te laten meedraaien in het arbeidssysteem. “Nu moet wie politiek asiel aanvraagt vier maanden wachten alvorens te mogen werken. Van een aantal profielen is men zo goed als zeker dat ze erkend zullen worden, geef hen de kans om sneller te werken en te integreren.”
Samenwerking met VDAB
Boerenbond en VDAB hebben een project opgestart om in enkele provincies duidelijk in kaart te brengen wat de vraag en het potentiële aanbod is. Zo kunnen ze de juiste mensen snel met elkaar in contact te brengen. “We reiken de hand uit naar de overheid. Met enkele maatregelen die een duwtje in de rug kunnen geven, kunnen we doelgroepen zoals jonge werklozen aan het werk te krijgen.”
Voor meer informatie mag u contact opnemen met:
Tessa De Prins